Retro culi Oliebollenmeid 2

Gepubliceerd op 29 december, 2014 door Danny Post

0

Lekker uit je oliebol

Tijdens deze dagen eten we onszelf weer tot een polder-Pavarotti aan oliebollen. Maar waar komen deze onweerstaanbare caloriebommen eigenlijk vandaan?

Beeld o.a.: Het Nationaal ArchiefThe Postcard Asylum

De AD Oliebollentest is zojuist gepubliceerd en dat is zoals ieder jaar smullen. Van de ‘absolute doodeters’ van prijswinnaar bakker Brokking in IJsselstein, maar meer nog van vernietigende commentaren over de bakkers die in de laagste regionen van deze gevreesde lijst eindigden. “Eet hier om 18.00 uur een bolletje en je zit de rest van de avond op het toilet” (Gebakkraam Parel, Venlo), “Hebben wij nu bij een oliebollenkraam of in een bouwmarkt gestaan? Met deze bollen kun je plamuren of gaten opvullen”, (Oliebollenkraam, Lelystad), “Weer zo’n oliebol waarbij je je fiets nodig hebt om van krent naar krent te rijden” (Laan’s Oliebollenkraam, Haarlem), “Massief blok kleffe stopverf valt als een steen in je maag. Lang geleden dat er zo’n Kukidentje voorbijkwam. Kukidentje? Ja, kleefmiddel voor een gebitsprothese. Doe de klep maar snel dicht” (Hollandse Gebakkraam, Sneek), de samenstellers zetten hun giftanden met veel genoegen in de ‘criminelen’ die het edele ambacht van oliebollenbakker bezoedelen. Hilarisch.

Oliebollenkraam Anton Pieck

“Gelukkig leven wij honderden jaren voor de AD Oliebollentest, mevrouw. Ik zou de stress niet trekken.”

Who’s vet?
Zo beducht zijn veel bakkers op een lage notering dat ze steeds vaker sleutelen aan hun oliebollen alsof het racewagens zijn. Maar vraag hen waar de oliebol vandaan komt en je hoort alleen het gepruttel van hun frituur op de achtergrond. Eh…? Toch kun je het ze niet kwalijk nemen. De oorsprong van de oliebol is namelijk in vettige olienevelen gehuld. Er bestaan zelfs drie theorieën over. De eerste is dat de oliebol afkomstig is van de Germaanse stammen die vroeger Nederland bevolkten. Zij offerden ten tijde van het Joelfeest, de periode tussen 26 december en 6 januari, gefrituurde deegwaren om de godin Perchta gunstig te stemmen. Want, zo beredeneerde men, door de oliën in het eten zou het zwaard van deze kwade godin wegglijden wanneer ze met haar zwaard hun buiken zou proberen open te rijten.

Oliekoeken bakken

Oldskool ‘oly koeken’ maken? Vergeet het regenwater niet. Essentieel.

Oliebollen schilderij

Schilder Albert Cuyp wist rond 1652 precies bij welke dame je de beste oliekoeken scoorde.

Oliekoekenduivel

De vetduivels waren overal…zelfs lieve omaatjes op straat verleidden je ermee.

Een tweede theorie is dat de oliebol een Middeleeuwse vinding is. Oorspronkelijk oliekoek geheten en platter van vorm, werd hij in december gegeten om te vieren dat de vastenperiode (die begon op 11 november tijdens Sint Maarten en eindigde met Kerst) was afgelopen. En doordat de oliekoek rijk was aan vet en calorieën vormde hij bovendien een goede brandstof tegen de kou. Zo staat in het kookboek De verstandige cock (of sorghvuldige huyshoudster) uit 1667 het oudste recept van de oliekoek beschreven. De derde mogelijkheid, waarschijnlijk in combinatie met de tweede theorie, is dat de oliebol is overgestuiterd uit Portugal. Portugese Joden die tijdens de Spaanse Inquisitie naar Nederland vluchtten, zouden hun recepten hebben meegenomen. In Portugal at men toen al iets wat op oliebollen lijkt: oliekoeken met (gedroogde) zuidvruchten. De olie zou bovendien verwijzen naar de olie uit de eeuwig brandende lamp in de tempel van Jeruzalem. Waarmee de goddelijke smaak in ieder geval verklaard zou zijn.

Dank voor stank
Wat de oorsprong precies ook is, vaststaat dat de oliekoek na de Middeleeuwen steeds populairder werd en langzaam veranderde in een olieból, de ronde oud-en-nieuw-snack zoals we die nu kennen. Al bleek de term oliekoek behoorlijk hardnekkig. Hoewel het woord oliebol in 1868 officieel in de Van Dale werd opgenomen en de transformatie een feit was, bleven Maria Haezebroek in De Hedendaagsche kookkunst (1851) en ook de makers van het kookboek Betje de goedkoope keukenmeid (1877) eigenwijs oliekóeken bakken. Het was o.a. Odilia Anna Corver die in Aaltje: Nieuw Nederlandsch Kookboek (1891) uiteindelijk brak met het platte verleden. Erna ging het snel en was de moderne oliebol aan het begin van de 20e eeuw een feit.

Postcard Asylum oliebollen 2

Oink, oink, ook bij onze vrienden van The Postcard Asylum brak het eat-like-a-pig-seizoen aan.

Oliebollen bakken thuis of kopen

Sommige keukenprinsen frituren ze zelf. “Mijn keuken staat maar zó’n klein beetje blauw.”

Oudejaarsavond

…in ieder geval niet bij de Oliebollenkraam in Wouw!

Nu, meer dan honderd jaar later, is het begrip oliebol volledig ingeburgerd. Overigens is de gewoonte van onze voorouders om de oliebollen in raapolie te bakken, die werd ‘uitgebrand’ met roggebrood en/of een stuk appel om er een zoetige smaak aan te geven, tussentijds geheel verdwenen. Liever kiezen we voor plantaardige oliën met een minder penetrante geur. Alhoewel…de Oliebollenkraam in Wouw, de nummer 148 in de AD Oliebollentest, bakt zijn bollen anno 2014 het liefst -lekker modern- in een dure eau de toilette van Chanel of Dior, vermoedt de jury. “Alsof je bij Ici Paris in de winkel staat, zo zwaar geparfumeerd ruiken deze oliebollen.” Mocht je er een zakje oliebollen gaan kopen, alvast een mierzoet 2015 gewenst!

 
Deel dit artikel!
Facebooktwittergoogle_plusmail

Tags: , , , , , , , , , , , , ,


Over de auteur



Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Omhoog ↑